Gezelligheid kent geen tijd

Door CodeCaster op woensdag 10 november 2010 00:15 - Reacties (18)
Categorie: Random thoughts, Views: 4.645

Sinds kort, eigenlijk sinds vanmiddag, ben ik in het bezit van een Twitter-account. Ik weet het. Ik heb het verdoemd. Ik heb gezworen er nooit een te nemen. Wat heet nemen, nemen is een groot woord. Ik wilde er een. Zoals destijds bij ICQ het geval was (ik ben nog steeds op zoek naar een ID van vijf getallen voor onder de tweeduizend dollar) wil ik niet nogmaals buiten de boot vallen. Mijn nummer, mijn naam, was al bezet. Er twittert één of andere Duitser onder mijn naam. Mijn alter ego is verwoest. Mijn internetcredibility is verdwenen. Daarom ging ik snel mijn achternaam registreren. Bezet. Ik huilde. Daarna heb ik een combinatie van beide gevonden, die nog niet bezet was.

Eenmaal in het bezit van een account, het kan ook dat bovengenoemd account wel van mij is en in een dronken bui is voorzien van content maar ik ben het wachtwoord kwijt, restte mij niets dan wachten. Wachten op een mening over het fenomeen. Ik heb er al eens over gezeken, maar in de door een befaamde atheïstische theoloog geuite "Je hoeft geen kanker te hebben om het te bestuderen" kan ik mij niet vinden. Je kan niet volledig deel uitmaken van iets zonder dat het deel uitmaakt van jou.

Lang verhaal kort, ja, ik heb een Twitter-account. En ja. Ik schaam me. Maar dan nu wat ik echt wilde delen.

Iedere dinsdagochtend doe ik een mail de deur uit naar een aantal vrienden die zonder die mail toch al langs zouden komen. In die mail noem ik de nieuwe afleveringen van series die die dag nieuw zijn ten opzichte van de week ervoor. Daarnaast ook wat er die avond op het menu staat, zodat eventuele gegadigden mee kunnen eten. Het aantal vrienden, laat ik ze vooral geen serievrienden noemen want dat zou impliceren dat ik een gazéébóó heb, bedraagt normaliter drie. Soms kan een van hen niet, dan weer neemt een van hen een vriend mee. Het aantal vrienden op de vriendenserieavond (niet te verwarren met serievriendenavond) fluctueert dus tussen de twee en vijf, wat ons totaalaantal brengt op het getal van zes.

We zaten hier vanavond met zes man. Maar pas na het eten, want een sms "boerenkool met gehaktballen" deed blijken dat minstens één van mijn gasten zou eten wat moeders pot schaftte. Na acht uur was het dus ineens behoorlijk druk in huize CodeCaster. En onvoorzien. Ik had een half kratje in huis. Volgens mijn moeder zou dat, zeker op dinsdagavond, ruim voldoende zijn. Volgens ons niet. Dat bleek waar. Eén van de eerste arrivés werd dus gevraagd voor bier te gaan zorgen. Eén collecteronde later was er twintig euro opgehaald, waarvan achttien blikken Heineken werden gehaald bij de avondwinkel aan de overkant van de straat. Bah. Heineken.

Even later kwam de laatste gast aan. Hij belde aan, en omdat volgens de regels de laatst binnengelatene de deur moest openen, liep een van de vrienden (ik deed immers als eerste open) naar de voordeur. Degene die binnenkwam had uit de mail en de reacties al begrepen dat hij als laatste zou binnenkomen en dat het bier op was (wat is mail op je mobiel toch een uitvinding!), en sleepte uit zijn kofferbak een vers kratje bier mee.

De avond kon vervolgens niet meer stuk.

Waarmee ik dus wil zeggen: ik heb sinds vandaag een Twitter-account, en heb geen woorden kunnen vinden die bovenstaand verhaal in 140 tekens kunnen samenvatten.

Iemand een idee?



http://codecaster.nl/got/rmb/star1.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star2.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star3.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star4.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star5.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/stats.gif

Satire

Door CodeCaster op woensdag 20 oktober 2010 22:30 - Reacties (19)
Categorie: Random thoughts, Views: 3.454

Teneinde niet in de krochten der vergetelheid van het internet te verdwijnen tik ik, op mijn vrije woensdagavond nota bene, sinds drie weken maar weer eens een blogje om jullie, mijn trouwe lezers, te vermaken. Op de achtergrond klinkt een fijn concert van The Prodigy met het volume precies zo hard dat ik mijn huisgenote net niet kan horen ruzieën met haar papzak van een vriendje.

Vanavond wilde ik het eens hebben over satire, op postzegels verzamelen na mijn favoriete tijdverdrijf. Mijn eerste ervaringen met deze zwarte vorm van humor waren de televisieprogramma's Kopspijkers en Dit was het nieuws, zo'n vijftien jaar geleden.Sindsdien is mijn smaak voorgoed verpest.

27bslash6Zo kan ik mezelf uren verliezen in het lezen van de brandbrieven en columns van helden als Luuk Koelman en Peter Middendorp, de laatste bekend uit het politiek incorrecte dagblad De Pers. Men moet het te pas en onpas zwart maken van willekeurige personen, producten of politieke partijen overigens niet verwarren met satire, want dat heet gewoon ouderwets trollen.

De koning van de brandbrief is voor mij toch wel David Thorne. Ik vind het heerlijk om te zien hoe hij instanties de grootste onzin mailt terwijl de persoon aan de andere kant zo veel mogelijk zijn of haar best doet om serieus op de aantijgingen in te gaan. Wie kent zijn mailwisseling met als bijlage de spin met zeven poten niet?

Anyhow, ik ben ook niet vies van een melig mailtje. Ook niet van alliteratie trouwens. Niet dat ik kan tippen aan bijvoorbeeld de schrijfsels van bovengenoemde heren of onze held Coltrui (ja, hij schijnt nog te leven), maar de laatste tijd heb ik toch weer een aantal e-mails weten te dichten die van dermate kwaliteit zijn dat ze na ontvangst ofwel direct zijn verwijderd, danwel zijn uitgeprint en op het prikbord in de kantine van de betreffende organisatie genageld om tijdens de lunch toch nog wat te smalen te hebben. Ik voel me hierdoor nogal genegeerd en krijg de onbedwingbare drang deze e-mails, het briefgeheim totaal negerend, openbaar te maken.

Met mijn nederigste excuses aan de doorgewinterde huiskamerbezoeker die hem misschien al heeft gelezen presenteer ik u hierbij mijn e-mail aan de fantastische website Stageplaza.nl, die ik hen met als onderwerp "Teleurstelling" heb gestuurd:
Beste Stageplaza,

Diep teleurgesteld is nog een eufemisme voor de staat waarin ik mij sinds vanmorgen bevind. Niet alleen heb ik aan jullie site totaal niets gehad voor mijn stage (de vier bedrijven waar ik op heb gereageerd stuurden stuk voor stuk pas na twee maanden of zelfs langer een reactie), maar ook heb ik mij godnondeju al drie keer uitgeschreven voor jullie spammail. Ik wil niet bij of voor jullie komen werken als programmeur, zelfs niet als jullie het wekelijks vragen.

Ik snap wel dat jullie nieuwe programmeurs zoeken, want niet alleen werkt het uitschrijfsysteem van de nieuwsbrief niet (als ik me probeer af te melden krijg ik de melding dat mijn adres <knip> niet bekend is), nee, de hele nieuwsbrief wordt niet geparsed. Ik heet geen "[voornaam]", en ik geloof niet dat ik kan reageren op advertentie https://www.stageplaza.nl/stepstone/jobagent-toevoegen-auto.asp?m=3&ssid=[studentid]&sshash=[sshash] waar alle links in de mail naar verwijzen.

Bij dezen verzoek ik u voor de laatste maal mij uit te schrijven van uw nieuwsbrief. Wanneer ik nog éénmaal een e-mail van u ontvang, uitgezonderd een reactie op deze mail in de vorm van een bevestiging van uitschrijving, zal ik u aanmelden bij de stichting spamklacht.

En serieus, ga eens op zoek naar een andere programmeur.

Met vriendelijke groet,

* CodeCaster
http://codecaster.nl/got/rmb/star1.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star2.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star3.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star4.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star5.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/stats.gif

Eduard de Eekhoorn

Door CodeCaster op maandag 27 september 2010 19:40 - Reacties (21)
Categorie: Random thoughts, Views: 3.463

Na maanden zoeken, het was de vorige winter immers flink koud geweest, had Eekhoorntje Eduard deze zomer eindelijk een boom gevonden die hem kon bekoren. Het was een mooie, stevige eik, en in een dode tak had Eduard zich verschanst. Niet te hoog, zodat hem na een lange dag nootjes verzamelen niet nog een enorme klim stond te wachten, en niet te laag, zodat de oude maar toch nog snelle vos hem niet in zijn slaap zou verrassen.

Omdat zijn gezinnetje sinds dit voorjaar uit maar liefst zeven personen, pardon, eekhoorns bestond had Eduard besloten een voorraadboom uit te gaan zoeken om wat meer eten veilig te kunnen stellen voor de barre tijden die er alweer hard aan zaten te komen. Kijkt u maar eens naar buiten. Wekenlang heeft onze zorgzame vader en echtgenoot eikels en nootjes en zaden verzameld en opgeslagen in een boom, niet ver van zijn woning.

Toen hij na een welverdiende week vrij met twee wangzakken vol noten weer eens terugkwam bij zijn voorraadboom schrok hij zo hard dat hij haast stikte in zijn verzameling. Het mooie ronde gat in de boom wat hij had afgedekt met wat bladeren was ruw groter gemaakt en er hing een vieze staart uit.

Hij schraapte zijn keel, "ahem". De staart bewoog wat, werd naar binnen getrokken en Eduard verschoot van kleur toen hij het gezicht van Martjn de Marter uit het gat in de boom naar buiten zag steken. "Goedemiddag!", riep het venijnige beest naar beneden, en zwaaide wat. "Lekker weertje hè, zo in het najaar!". "Wat doe je in mijn hol?", vroeg Eduard. "Jouw hol?", antwoordde de marter. "Je was niet thuis hoor, al de hele week niet! Ik dacht: mooi, dan is dat hokje nu van mij! Wist je trouwens dat het helemaal niet zo hard waait in deze hoek van het bos?". Eduard trilde van woede en spuugde de noten uit. "Waar haal je het lef vandaan! Ik heb dagenlang noten verzameld voor de winter, en die hier opgeslagen, en ben daarna even een weekje naar de Bahama's gegaan! Mag ik?". "Oh, waren die noten van jou!", zei de marter grijnzend. "Ze waren heerlijk, bedankt! Ik denk dat ik het hiermee nog wel een weekje uithoud! Maar nu ga ik even een middagdutje doen, fijne dag verder!".

Omdat de marter zeker drie keer zo groot was als hij en minstens zo snel besloot Eduard met de staart tussen de benen huiswaarts te keren. Na een fikse ruzie met zijn vrouw die hem een massagraf met daarin vijf kleine eekhoorntjes voorhield besloot hij maatregelen te gaan treffen. Twee dagen later had Eduard al zijn vrienden en de Wijze Oude Uil opgetrommeld en samen gingen ze op weg naar zijn voorraadboom. De staart van de marter stak weer uit het gat, en zelfs op de grond was zijn gesnurk nog te horen. "Martin!", oehoede de uil, "Kom eens naar beneden!". Omdat de uil de oudste van het bos was moesten alle dieren naar hem luisteren, dus schoorvoetend kroop de marter naar beneden, alwaar hij tegenover de uil kwam te staan. Om hen heen stonden zeker twintig eekhoorns.

"Vertel eens", begon de uil, "waarom ga jij zomaar in de boom die van een ander is wonen?". "Dat heb ik Eduard al verteld, Wijze Oude Uil. Ik wist niet eens dat dit holletje van hem was, maar het werd al zo lang niet gebruikt!". "Zou jij het fijn vinden als er iemand anders gebruik maakt van iets waar jij hard voor hebt gewerkt?", vroeg de uil. "Nee, natuurlijk niet", zei de marter. "Maar ik werk meestal niet zo hard, ik heb zelf ook niet zo veel spullen". "Aha. En zou je dan misschien met een beetje meer werk zelf zo'n boom bewoonbaar kunnen maken?" vroeg de uil. "Nee, ik denk het niet", zei de marter. "Ik denk dat ik daar een beetje te lui voor ben. Een kleiner holletje, ergens op de grond zou meer wat voor mij zijn. Ik heb gewoon niet zo'n zin om hard te werken en zelf een veilig hol in een hoge boom te maken" verklaarde hij. "Maar wat is er dan mis met een holletje ergens op de grond" vroeg de uil hem, "is dat soms te koud, te klein, of te nat?". "Nou dat niet direct", sputterde de marter tegen, "maar het is gewoon veel makkelijker op deze manier, en eigenlijk is het wonen op de grond ook wat beneden mijn waardigheid. Alle dieren zouden immers in bomen moeten kunnen wonen!".

Omdat de uil niet zo van makkelijke dieren hield, hij wilde graag dat iedereen eerlijk was en kreeg wat hij verdiende, gaf hij de marter met zijn snavel een welverdiende harde klap op zijn kop. "Zo", zei hij. "En nu haal je je uitwerpselen uit dat hol, maak je de ingang weer mooi, betaal je de gasrekening en vul je de koelkast van Eduard weer bij". De marter deed schoorvoetend wat hem gevraagd was, en nadat hij weer precies evenveel nootjes als er eerst lagen had teruggelegd in het hol van Eduard is hij onder luid gejoel zo snel hij kon uit het bos gevlucht en men heeft hem nooit meer gezien. Die avond hield Eduard een feestje, en iedereen mocht zo veel eten als hij kon.

"Een verstandig dier", sprak de uil aan het einde van de avond, "denkt niet aan zijn gemak van dit moment, maar liever aan later. Als je in de bloei van je leven kunt investeren in voedsel, een gezin en een dak boven je hoofd weet je zeker dat je het later goed zal krijgen. Als je teert op de zak van een ander zal je vroeg of laat in de kou komen te zitten".

Kom maar op met dat kraakverbod.


http://codecaster.nl/got/rmb/star1.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star2.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star3.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star4.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star5.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/stats.gif

Pizza Hawaï

Door CodeCaster op dinsdag 24 augustus 2010 19:41 - Reacties (26)
Categorie: Random thoughts, Views: 5.342

Aan: Dr. Eutker
Onderwerp: Pizza Hawaï
Bericht:

Geachte heer, mevrouw,

Jaren geleden, en dan bedoel ik echt jaren geleden, zo rond 1990 zal het geweest zijn, werd onze familie geterroriseerd en behoorlijk ook. Niet van buitenaf, waar men zich nog enigszins kan wapenen, nee, van binnenuit. Een oom van mij, oom Bert, vond het leuk om mensen in zijn nabijheid te pesten. U kent het vast wel. Wat onschuldig begon, zoals een suikerklontje gooien in een glas cola dat je net richting je mond bewoog, of tijdens het eten net doen of er iets op de grond viel en onder tafel je veters aan elkaar of aan de stoelpoten knopen, groeide al snel uit tot een onophoudelijke stroom terreuraanvallen.

De echte terreur begon met een kogelbrief. "Voor de grap", was zijn verklaring. Tante Sara kon er niet om lachen en eet nu, twintig jaar later, nog steeds door een rietje. Daar moet wel bij worden gezegd dat de half doorgezaagde traptrede, wederom dankzij oom Bert, daar wellicht ook iets mee te maken had. Uiteraard ging dit verhaal als een lopend vuurtje door de familie rond, en men begon de boosdoener niet meer uit te nodigen op verjaardagen en andere feestelijkheden, waarop hij zich hopelijk wat meer zou afzonderen van de familie. Enkele maanden leek dit goed te gaan, tot de dag van de verjaardag van oom Bert aanbrak.

Ik werd, klein kind als ik was, als spion eropuit gestuurd. Ik moest bij oom Bert gaan kijken. Krap zes jaar oud was ik, en zag de kartonnen poppen die hij achter z'n ramen had gezet voor visite aan. Waar haalde hij al die vrienden dan vandaan, vroeg ik me af. Zelfs het cassettebandje met gesprekken, dat de vorige avond bleek te zijn opgenomen in het café, nam ik voor echt aan en was er heilig van overtuigd dat zijn huis vol mensen zat. Toen ik me omdraaide om thuis te gaan vertellen dat oom Bert nog vrienden over had na de boycot van de familie (dat weet ik nu tenminste, destijds wist ik natuurlijk niet wat dat woord betekende) voelde ik een klap op mijn hoofd. Toen het weer licht werd zat ik vastgebonden in zijn kelder.

Verdere details zal ik u besparen, maar ik weet wel dat ik nu af en toe 's nachts nog steeds gillend wakker word. Toen de politie bij hem langs wilde gaan bleek hij te zijn gevlucht. Twee dagen voor eerste kerstdag van dat jaar, 1991 was het intussen, viel een kaart in de bus met een hoop postzegels en stempels op de achterkant. Een palmboom en "Groeten uit Hawaï ..." stond voorop, "... van je grote vriend Bert" achterop. Het is sinds die tijd dat ik geen pizza Hawaï meer lust. Alleen de gedachte eraan doet me al kokhalzen.

Nu kocht ik vanavond bij mijn plaatselijke supermarkt een pizza die ik vaak neem. Och, wat heet vaak, misschien koop ik er eens in de twee weken eentje. Zo'n dunne, van uw Ristorante-serie. Met tonijn. Onze heteluchtinbouwovencombimagnetron was al snorrend aan het voorverwarmen, ik pakte alvast een groot plat bord uit de kast en een pizzames uit de la en ritste de kartonnen verpakking van de pizza open. Toen ik de pizza zag was het of mijn hart een slag of drie oversloeg. Wat lag mij daar aan te staren, nog half in de doos met daarop in grote letters "PIZZA TONNO"?

Stukjes ananas en ham op een lap deeg! Een pizza Hawaï!

U begrijpt dat ik de nog bevroren pizza van schrik in de prullenbak heb gekieperd en me genoodzaakt voelde te dineren bij de McDonald's. Nu wil ik u slechts vragen of u uw machines voorafgaand aan het inpakproces voortaan beter wilt instrueren, om toch vooral geen pizza's Hawaï meer in de doos van tonijnpizza's te stoppen. Ik zou voorstellen om dit iedere ochtend even zachtjes in het oliegaatje van de inpakrobot te fluisteren. Of vertel het hem, wanneer uw fabriek 24 uur per dag draait, dan maar zo rond kerst.

Met vriendelijke groet,

* CodeCaster .


http://codecaster.nl/got/rmb/star1.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star2.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star3.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star4.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star5.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/stats.gif

Spijt

Door CodeCaster op woensdag 23 juni 2010 07:55 - Reacties (30)
Categorie: Random thoughts, Views: 4.408

Normaal gesproken heb ik niet snel spijt van de dingen die ik doe. Dat komt wellicht doorat ik vaak lang, soms zelfs te lang nadenk over acties. Hoe minder bloed er echter door mijn alcohol stroomt des te korter doe ik over mijn beslissingen. Soms zelfs te kort.

Zo heb ik enkele jaren geleden alle loempia's en afhaalturk, of dat nou (Turkse) Pizza's, shoarma of wat voor voedsel uit Oostelijke contreien dan ook betreft, afgezworen. Iedere keer weer wanneer ik dat voedsel had genuttigd zag ik mijn maaginhoud op de wijze van inname maar dan omgekeerd weer mijn lichaam verlaten, of erger nog, had ik het idee twee dagen m'n kont achterna te lopen in plaats van andersom.

Ik heb geen idee hoe het komt. Zouden die loempiabakkers dan écht de hele dag hun aanhanger niet uitkomen en hun behoefte doen in de frituurpan? Tegen je anus opspattend frituurvet van om en nabij de honderdtachtig graden celsius lijkt me toch behoorlijk pijnlijk. En die Turken, tsja, onze keukeninspecteur van SBS6 wordt er niet voor niks niet vrolijk van. Shoarmavlees ligt gerust een paar uur af te koelen wanneer de schapenschiller de honger van zijn klandizie heeft overschat, en de ongelukkige sterveling die daarna een portie van dat droge vlees bestelt krijgt een broodje shoarma dat alweer flink z'n best doet op het laten groeien van een laag wol.

Terug naar zaterdagavond. Na een middag lang bier drinken en brullen naar de beeldbuis hadden we honger gekregen. Tegen beter weten in heb ik een pizza besteld die de feestelijke naam "frutti del mare" droeg. Zeevruchten dus. Nu was er al weinig fris, laat staan fruitigs meer aan de dode zeebeesten die over de lap deeg lagen gedrapeerd, maar het smaakte in ieder geval naar vis. Net als de scheten die tien minuten later boven kwamen drijven.

Daarmee kwam ook de spijt bovendrijven. Ik wíst dat ik gewoon een patatje, of wat pasta zonder vlees had moeten bestellen. Wat die gasten met dat eten doen weet ik niet maar het eindigt altijd in een dag lang rennen naar de toiletpot om daar te genieten van de echo van het geknetter.

En behalve dat mag ik ook nog genieten van een kringspier die voelt alsof er drie hete pepers per uur passeren. De komende drie maanden eet ik niet meer buiten de deur.


http://codecaster.nl/got/rmb/star1.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star2.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star3.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star4.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/star5.gifhttp://codecaster.nl/got/rmb/stats.gif